Naslag elektrotechniek
formules, tabellen en spiekbriefjes voor op de werkvloer🧮 Formules
| Formule | Waarvoor |
|---|---|
| U = I × R | Wet van Ohm |
| I = U / R | Stroom uit spanning en weerstand |
| P = U × I | Vermogen |
| I = P / U | Stroom uit vermogen - het meest gebruikt |
| P = U² / R | Vermogen bij bekende weerstand |
| P = I² × R | Warmte in een verbinding - verklaart brand |
| U tussen fasen = 230 × √3 ≈ 400 V | 3-fase |
| U piek = 230 × √2 ≈ 325 V | Effectieve waarde versus piek |
| Energie (kWh) = P (kW) × t (uur) | Verbruik en kosten |
⚡ Stroom bij 230 V
| Vermogen | Stroom | Typisch |
|---|---|---|
| 500 W | 2,2 A | Tv, kleine koelkast |
| 1000 W | 4,3 A | Stofzuiger |
| 1500 W | 6,5 A | Vloerverwarming klein |
| 2000 W | 8,7 A | Föhn, kleine oven |
| 2300 W | 10,0 A | Waterkoker |
| 3000 W | 13,0 A | Zwaar element |
| 3500 W | 15,2 A | Grens van een 16 A-groep |
| 3680 W | 16,0 A | Theoretisch maximum 16 A-groep |
Vuistregel: vermogen ÷ 230, of onthoud 2300 W = 10 A en schaal vanaf daar.
🎨 Aderkleuren
| Kleur | Functie |
|---|---|
| Bruin | Fase (L of L1) |
| Zwart | Fase (L2) of schakeldraad |
| Grijs | Fase (L3) of schakeldraad |
| Blauw | Nul (N) |
| Geelgroen | Beschermingsleiding (PE) - uitsluitend hiervoor |
In oude installaties gelden andere kleuren en soms andere betekenissen. Kleur is een aanwijzing, meten is het bewijs.
📏 Doorsnede en beveiliging
| Doorsnede | Gangbare beveiliging | Toepassing |
|---|---|---|
| 1,5 mm² | 16 A | Licht, gewone contactdozen |
| 2,5 mm² | 16 – 20 A | Keuken, wasmachine, zwaardere groepen |
| 4 mm² | 20 – 25 A | Kookgroep, langere leidingen |
| 6 mm² | 25 – 35 A | Kookgroep 3-fase, laadpaal, warmtepomp |
| 10 mm² | 40 A en hoger | Voedingskabels |
Vuistregel voor de ongunstigste gangbare situatie (in buis, in de wand). Bij lange leidingen, bundeling of isolatie hoort een echte berekening. De beveiliging hoort bij de kabel, niet bij het apparaat.
🔒 De vijf stappen van veiligstellen
- Scheiden - alle voedingsbronnen, ook PV, UPS en laadpaal
- Beveiligen tegen wederinschakeling - LOTOTO: slot en label
- Controleren - tweepolige tester, test de tester vóór én na
- Aarden en kortsluiten - bij onoverzichtelijke installaties
- Afschermen - nabijgelegen delen die onder spanning blijven
Uitschakelen is een handeling. Spanningsloosheid is een toestand die je moet vaststellen.
Meet in een 3-fase kast álle combinaties: L1–N, L2–N, L3–N, L1–L2, L2–L3, L1–L3, en elke fase naar PE.
🛡️ MCB, RCD en RCBO
| Component | Beschermt | Reageert op |
|---|---|---|
| MCB (installatieautomaat) | De leiding | Overbelasting (thermisch) en kortsluiting (magnetisch) |
| RCD (aardlekschakelaar) | De mens | Verschilstroom naar aarde, 30 mA |
| RCBO (aardlekautomaat) | Beide, per groep | Beide |
Karakteristiek
| Letter | Magnetisch bij | Waarvoor |
|---|---|---|
| B | 3 – 5 × In | Licht, contactdozen |
| C | 5 – 10 × In | Motoren, LED-drivers, warmtepompen |
| D | 10 – 20 × In | Zware inschakelstromen |
Een aardlek beschermt niet bij aanraking van fase én nul tegelijk.
🔀 Aardlektypes
| Type | Detecteert | Waar |
|---|---|---|
| AC | Zuivere wisselstroom | Verouderd, niet meer toepassen |
| A | Wisselstroom + pulserende DC | Standaard in woningen |
| F | Als A + samengestelde frequenties | Frequentieregelaars, veel warmtepompen |
| B | Als F + gladde gelijkstroom | Laadpalen, PV-omvormers |
Een gladde gelijkstroomlek kan een type-AC of type-A aardlek verzadigen: hij ziet dan ook gewone lekstromen niet meer, terwijl de testknop nog gewoon werkt.
Maximaal 4 eindgroepen achter één aardlek - lekstromen tellen op.
💧 IP-codering
IP + vaste voorwerpen + water
| 1e cijfer | Betekent |
|---|---|
| 2 | Vingerveilig |
| 4 | Voorwerpen vanaf 1 mm |
| 5 | Beperkt stofdicht |
| 6 | Volledig stofdicht |
| 2e cijfer | Betekent |
|---|---|
| 1 | Druppelwater |
| 3 | Sproeiwater tot 60° |
| 4 | Spatwater uit elke richting |
| 5 | Waterstralen |
| 7 | Tijdelijke onderdompeling |
IP44 = gangbare minimumeis buiten en in vochtige ruimtes. De waarde geldt voor het correct gemonteerde geheel, inclusief wartel en klep.
🚿 Badkamerzones
| Zone | Waar | Kort |
|---|---|---|
| 0 | In bad of douchebak | Alleen daarvoor bestemde apparatuur, zeer lage veiligheidsspanning |
| 1 | Boven bad/douche tot 2,25 m | Zeer beperkt, geen contactdozen |
| 2 | 60 cm rondom zone 1 | Voldoende IP-waarde vereist |
| 3 | Daarbuiten | Regulier, met aardlekbeveiliging |
Hoe dichter bij het water, hoe strenger. Beoordeel per zone, niet per ruimte. Bij een verbouwing verschuiven de zones - opnieuw beoordelen.
🔍 Storingzoeken in 9 stappen
- Symptom - wat gebeurt er echt?
- Scope - hoe groot is het bereik?
- Supply - is er voeding?
- Protection - wat doen de beveiligingen?
- Circuit - waar loopt het verwachte pad?
- Divide - splits in het midden, niet aan het uiteinde
- Measure - één hypothese per meting
- Repair - de oorzaak, niet het symptoom
- Verify - alle standen, en de veiligheid opnieuw
Begin nooit met "waarschijnlijk is X kapot". Begin met: wat weet ik zeker?
🧭 Symptoom naar richting
| Patroon | Zoekrichting |
|---|---|
| Eén apparaat, rest werkt | Apparaat of aansluitpunt |
| Eén groep uit | Automaat, bedrading of belasting in die groep |
| Meerdere groepen | Aardlek, hoofdschakelaar, gedeelde nul |
| Hele woning | Aansluiting, hoofdzekering, netbeheerder |
| Alles werkt maar vreemd | Onderbroken nul - meet N–PE |
| Alleen bij belasting | Overgangsweerstand of te dunne leiding |
| Alleen bij vocht of regen | Isolatiefout, buitendoos, kruipruimte |
| Sinds er PV of een laadpaal is | Aardlektype controleren |
| Bij inschakelen van veel LED | Inschakelstroom, C-karakteristiek overwegen |
☠️ Stroom door het lichaam
| Stroom | Effect (50 Hz, pad via het hart) |
|---|---|
| 0,5 – 1 mA | Net waarneembaar |
| 5 – 10 mA | Pijnlijk, spieren trekken samen |
| 10 – 16 mA | Loslaatgrens - je kunt niet meer loslaten |
| 30 mA | Verkramping ademhalingsspieren |
| 50 mA + | Reële kans op ventrikelfibrilleren |
Bij 230 V en 1000 Ω lichaamsweerstand (vochtig): 230 mA.
Bij een ongeval: eerst stroom uit, dan pas aanraken. 112 bellen. Ook zonder zichtbaar letsel medisch laten beoordelen - hartritmestoornissen kunnen uren later optreden.
🔌 Aansluitwaarden
| Aansluiting | Beschikbaar |
|---|---|
| 1×25 A | ≈ 5,7 kW |
| 1×35 A | ≈ 8,0 kW |
| 1×40 A | ≈ 9,2 kW |
| 3×25 A | ≈ 17,3 kW |
| 3×35 A | ≈ 24,2 kW |
Gelijktijdige belasting inschatten
| Verbruiker | Vermogen |
|---|---|
| Inductiekookplaat in gebruik | 3 – 7 kW |
| Warmtepomp incl. bijverwarming | 3 – 9 kW |
| Laadpaal 1-fase | 3,7 kW |
| Laadpaal 3-fase | 11 – 22 kW |
| Elektrische boiler | 2 kW |
| Wasmachine + droger | 2 – 4 kW |
📐 Meten: instrument en categorie
Welk instrument
| Vraag | Instrument |
|---|---|
| Staat hier geen gevaarlijke spanning? | Tweepolige tester |
| Waar verdwijnt de spanning? | Multimeter |
| Loopt deze geleider door? | Doorbelfunctie |
| Deugt de isolatie? | Isolatiemeter, 500 V DC, min. 1 MΩ |
| Schakelt de aardlek op tijd? | Installatietester, RCD-test |
| Schakelt de automaat snel genoeg? | Installatietester, Zs |
| Hoeveel stroom loopt er nu? | Stroomtang |
Meetcategorie
| CAT | Waar |
|---|---|
| II | Stopcontact en aangesloten apparatuur |
| III | Vaste installatie, verdeelinrichting |
| IV | Aansluiting netbeheerder, meterkast |
Weerstand meten uitsluitend spanningsloos. Isolatiemeting: alle verbruikers eraf.