De enkelpolige schakeling
Leerdoel van deze les
Je kunt de eenvoudigste lichtschakeling volledig doorredeneren en aanwijzen wat er elektrisch gebeurt bij het openen van de schakelaar.
De keten
De eenvoudigste lichtschakeling ziet er zo uit:
Fase → schakelaar → schakeldraad → lamp → nul → terug naar de kast
De beschermingsleiding loopt mee naar alle metalen delen die aangeraakt kunnen worden, en naar het armatuur als dat een metalen behuizing heeft.
Wat er gebeurt als je de schakelaar opent: de keten wordt onderbroken, de weerstand wordt oneindig, er loopt geen stroom meer, en de lamp dooft. De volle netspanning staat nu over de geopende schakelaarcontacten. Voorbij de schakelaar, op de schakeldraad, staat geen spanning meer - in een correct uitgevoerde installatie.
Schakel altijd de fase, nooit de nul
Wordt de nul geschakeld in plaats van de fase, dan lijkt de lamp uit maar staat het hele armatuur nog steeds onder spanning. Wie dan een lamp vervangt, raakt een spanningvoerend deel aan terwijl de schakelaar op "uit" staat. Dit is een klassieke fout in oude en in ondeskundig aangepaste installaties, en een van de redenen dat je nooit op de stand van een schakelaar vertrouwt.
De centraaldoos
In de Nederlandse woningbouw komen de leidingen samen in een centraaldoos in het plafond. Daar zitten meestal:
- de permanente fase van de groep;
- de nul van de groep;
- de beschermingsleiding;
- de leiding naar de schakelaar (fase heen, schakeldraad terug);
- de leiding naar het lichtpunt.
De schakelaar krijgt dus de fase toegevoerd en stuurt hem als schakeldraad terug naar de doos, waar hij doorgaat naar de lamp. De nul gaat rechtstreeks van de doos naar de lamp en komt niet bij de schakelaar.
Dat verklaart het praktijkprobleem bij slimme schakelaars: die hebben zelf voeding nodig en dus een nul in de schakeldoos, en die is er in dit klassieke schema niet. Module 11 gaat daarop door.
Het schakelmateriaal zelf
- Inbouwdoos waterpas plaatsen, en op de juiste diepte. Een doos die te diep zit,
maakt afmonteren onmogelijk; te ondiep en de afdekplaat sluit niet aan.
- Aders op lengte met een kleine reservelus, zodat je het component later kunt
uitnemen zonder alles los te halen.
- Klemmen volgens de aanduiding op het component: L voor de aanvoer, de
genummerde of gemarkeerde klem voor de schakeldraad.
- Afdekraam pas aan het eind, en controleer of het recht zit - dit is het enige
deel van je werk dat de klant elke dag ziet.
Controleren voordat er spanning op komt
- Vergelijk de bedrading met je schema, ader voor ader.
- Controleer met een doorbelmeting of de schakeldraad daadwerkelijk doorloopt naar de
lamp en of er geen sluiting is tussen fase en nul.
- Controleer of de beschermingsleiding overal is doorverbonden.
- Kijk visueel: geen blank koper, alle klemmen vast, alles zit netjes in de doos.
- Pas daarna spanning erop, en test in beide standen.