Geen verwarming
Leerdoel van deze les
Je kunt een ketel die niet verwarmt stap voor stap onderzoeken, van regeling tot afgifte.
Wie geeft de warmtevraag, en komt hij aan?
"Geen verwarming" begint bij de vraag of de ketel wel een warmtevraag krijgt, en pas daarna bij wat de ketel daarmee doet. Intergas noemt bij deze klacht: de ketel staat uit, de kamerthermostaat of weersafhankelijke regeling is niet gesloten of defect, de pomp draait niet, of er staat geen 24 V op de regeling (STO-09). Dat is precies de volgorde om te controleren: regeling, dan elektrische voeding van de regelketen, dan de waterzijdige kant.
Van regeling naar afgifte
- Regeling. Vraagt de thermostaat om warmte? Bij een aan/uit-thermostaat en bij een OpenTherm-regelaar werkt dat mechanisch anders, en welke van de twee is aangesloten bepaalt zelfs welke klemmen op de ketel worden gebruikt: bij Remeha delen aan/uit en OpenTherm dezelfde klemmen, bij Intergas heeft elke functie een eigen klemmenpaar (ELK-17, ELK-20). Een OpenTherm-thermostaat op de verkeerde klemmen aangesloten, geeft geen werkende warmtevraag.
- Bedrading van de regeling. Intergas noemt voor een aan/uit-kamerthermostaat een maximale leidingweerstand van 15 ohm voor kabel plus thermostaat samen (ELK-21): een te lange of te dunne leiding kan dus zelf de storing zijn, niet de thermostaat.
- Pomp. Draait de pomp? Bij Intergas zie je dit op het display, bij vastzitten helpt handmatig deblokkeren met een schroevendraaier op de as (STO-09).
- Water. Is er voldoende druk en doorstroming? Zie les 16.5 voor drukproblemen; een drukval die kwadratisch meegroeit met het debiet (HYD-21) betekent dat een kleine belemmering in de installatie een grote invloed op de doorstroming kan hebben.
- Vermogensvraag. Ligt de warmtevraag van de woning onder de minimale belasting van de ketel? Dan pendelt (takt) de ketel: hij slaat aan en uit in plaats van door te moduleren (REG-11, KET-15, KET-28). Dat is geen storing, maar voelt voor de klant wel als "de verwarming doet het niet goed".
Regeling voor pomp, pomp voor druk
Voor je de pomp of de waterzijdige kant onderzoekt, stel je vast dat de ketel echt een warmtevraag krijgt. Een ketel zonder warmtevraag doet niets, en dat lijkt in eerste instantie op precies dezelfde klacht als een defecte pomp.
Praktijkgeval: 24 V op de regeling
Een klant meldt "de verwarming doet niets, warm water werkt wel". Volgens de keten in deze les start je bij de regeling: staat de thermostaat op een hogere temperatuur dan de kamertemperatuur, en geeft hij een signaal af? Intergas laat je vervolgens controleren of er 24 V op de regeling staat (MET-25). Ontbreekt die spanning, dan zit de oorzaak niet in de thermostaat zelf maar in de voeding van het regelcircuit: dat is een ander deel van de keten dan waar de klant zelf naar kijkt (de thermostaat), en precies waarom je de keten volgt in plaats van te raden.
Verdieping: waarom pendelen geen storing is
Een Remeha Calenta 25s heeft een minimale belasting van ongeveer 5,2 kW. Vraagt de woning maar 3 kW, dan kan de ketel niet lager moduleren en slaat hij aan en uit (REG-11). Dat voelt voor de klant als een probleem, maar er is niets defect: de oplossing zit in de afstemming tussen ketelvermogen en warmtevraag, niet in een reparatie.
Video's bij deze les
Beeldmateriaal van derden, als aanvulling. Oudere of buitenlandse video's kunnen andere data of regels noemen: de les volgt de actuele Nederlandse bronnen.
Test jezelf
Beantwoord de vragen om te merken of de stof zit. Na elk antwoord zie je de uitleg, ook als je het goed had.
1. Een klant heeft geen verwarming maar wel warm water. Wat controleer je als eerste volgens deze les?
2. Waarom kan het aansluiten van een OpenTherm-thermostaat op de verkeerde klemmen een "geen verwarming"-klacht geven?
3. Welke maximale leidingweerstand noemt Intergas voor de kabel plus een aan/uit-kamerthermostaat samen?
4. Een Remeha Calenta 25s (minimale belasting ongeveer 5,2 kW) slaat steeds aan en uit bij een warmtevraag van 3 kW. Wat is de juiste conclusie?
5. Waarom is de opmerking "een kleine belemmering in de installatie kan een grote invloed op de doorstroming hebben" (drukval die kwadratisch met het debiet meegroeit) relevant bij "geen verwarming"?
Voordat je verdergaat
Flashcards uit deze les
Deze les levert 6 kaarten op. Zodra je de les afrondt, komen ze terug in je herhaalschema: kaarten die je goed weet steeds later, kaarten die je mist al de volgende dag.