Gaskachels, convectoren en gashaarden
Leerdoel van deze les
Je kunt losse gastoestellen (kachel, convector, haard) indelen naar open of gesloten type, hun afvoer en ventilatie beoordelen en de risico's uitleggen.
Dezelfde open/gesloten-indeling, andere toestellen
Een gaskachel, een gasconvector en een gashaard zijn losse verwarmingstoestellen die niet aan een cv-installatie zijn aangesloten. Ze vallen onder dezelfde indeling die je al kent van ketels: een open kachel of haard heeft geen aparte luchttoevoer en gebruikt lucht uit de ruimte waarin hij staat, ook als er glas of een deurtje voor de vlammen zit. Een gesloten kachel of haard heeft een extra leiding naar buiten voor de verbrandingslucht. Volgens Milieu Centraal zijn gesloten kachels veiliger en hebben ze een hoger rendement dan open kachels.
Een convector verwarmt door lucht langs een verwarmd oppervlak te laten stromen: koude lucht wordt onderaan aangezogen, warmt op, stijgt op en zakt afgekoeld weer naar de vloer (natuurlijke convectie, zonder ventilator). Een gasconvector kan net als een gaskachel open of gesloten zijn, met dezelfde risico's van onderdruk als bij een open toestel.
Open blijft open, ook met glas ervoor
Een decoratief venstertje of een deurtje voor de vlammen maakt een kachel niet gesloten. Gesloten betekent: een eigen luchttoevoerleiding naar buiten. Vraag bij twijfel de installatiehandleiding op, of controleer of er een leiding naar buiten loopt.
Onderdruk: hetzelfde risico als bij een open ketel
Bij een open gaskachel kan onderdruk in de ruimte, bijvoorbeeld door te weinig verse lucht of door mechanische ventilatie elders in de woning, ertoe leiden dat verbrandingsgassen niet via de afvoer naar buiten gaan maar de ruimte in komen (zie ook les 8.7 en les 19.2). Milieu Centraal noemt daarom voldoende verse lucht (een klapraam of ventilatierooster) als voorwaarde bij een open kachel, en een CO-melder als aanvullende voorzorg.
Sfeerhaarden zonder afvoer
Een gashaard zonder rookgasafvoer is qua werkingsprincipe een afvoerloos toestel (type A): alle verbrandingsproducten komen in de ruimte. Fabrikanten bieden voor dit soort haarden soms extra voorzieningen aan die een deel van de verbrandingsproducten zouden moeten omzetten, maar zulke voorzieningen vervangen geen ventilatie: elke haard zonder afvoer vraagt om voldoende luchttoevoer in de ruimte, wat er ook op de haard is aangebracht.
Een afvoerloze sfeerhaard in een kleine of goed geïsoleerde ruimte
Een moderne, goed geïsoleerde woning heeft weinig natuurlijke ventilatie. Een sfeerhaard zonder afvoer stookt zijn verbrandingsproducten rechtstreeks die ruimte in. Zonder voldoende ventilatie en zonder CO-melder is dat een risicovolle combinatie, vooral 's avonds als de haard lang aan blijft en de bewoners in de buurt zitten of slapen.
Waar de grens van jouw certificering ligt
Een gebouwgebonden gasinfraroodstraler (helder- of donkerstraler) valt onder dezelfde certificeringsplicht als een cv-ketel, zolang het vermogen per toestel onder de 100 kW blijft. Een losse, verplaatsbare gaskachel of terraskachel die niet aan het gebouw is verbonden valt daarbuiten: dat is geen gasverbrandingsinstallatie in de zin van het Bbl. Dat betekent niet dat zo'n toestel veilig is zonder aandacht: het betekent alleen dat het buiten jouw certificeringsplicht valt.
Video's bij deze les
Beeldmateriaal van derden, als aanvulling. Oudere of buitenlandse video's kunnen andere data of regels noemen: de les volgt de actuele Nederlandse bronnen.
Test jezelf
Beantwoord de vragen om te merken of de stof zit. Na elk antwoord zie je de uitleg, ook als je het goed had.
1. Wat maakt een gaskachel "gesloten" in plaats van "open"?
2. Hoe werkt een convectorkachel?
3. Een fabrikant claimt dat een extra voorziening op een afvoerloze gashaard een deel van de verbrandingsproducten omzet. Wat blijft daardoor nodig?
4. Wat is het risico van onderdruk in een ruimte met een open gaskachel?
5. Een gebouwgebonden gasinfraroodstraler van 40 kW hangt in een loods, en een losse terraskachel van 10 kW staat op een terras. Wat klopt?
Voordat je verdergaat
Flashcards uit deze les
Deze les levert 7 kaarten op. Zodra je de les afrondt, komen ze terug in je herhaalschema: kaarten die je goed weet steeds later, kaarten die je mist al de volgende dag.