Belegger Kees. Doe de quiz

Aandelen screenen: mijn selectie van groeibedrijven

Met een screening zoek ik aandelen die het waard zijn om verder te onderzoeken. Een screener kan ongeveer honderd namen opleveren. Daaruit maak ik een werkbare lijst van vijf tot tien kandidaten. Zo houd ik voldoende keuze en ook genoeg tijd om bedrijven goed te bekijken.

Tijd is mijn grootste bezit. Als ik al een aantal overtuigende kandidaten heb, onderzoek ik die liever verder dan dat ik steeds nieuwe namen verzamel. De screening ondersteunt mijn onderzoek en moet in een middag te doen zijn. Je kunt deze opbouw gebruiken om ook jouw eigen lijst kleiner en beter te maken.

3.1 Wanneer ik een nieuwe screening doe

Eén keer per kwartaal is mijn richtpunt. Dat betekent niet dat ik ieder kwartaal opnieuw moet beginnen. Als de bestaande kandidaten nog interessant zijn en er al werk ligt, pak ik dat eerst op.

Minstens één keer per jaar ververs ik mijn brede selectie. Ook eerder kan een nieuwe ronde nodig zijn: bijvoorbeeld wanneer er weinig kansrijke namen over zijn, de gegevens ongeveer twaalf maanden oud zijn of de prijs van mijn kandidaten aanzienlijk is gestegen. Een nieuw kwartaalbericht kan al genoeg zijn om een bestaande kandidaat opnieuw te beoordelen, zonder een hele screening te starten.

Ik houd bij wanneer ik de lijst heb samengesteld en welke informatie ik heb gebruikt. Zo kan ik onderscheiden of een kandidaat nog dezelfde kans vertegenwoordigt als toen ik hem vond.

3.2 De acht universums

Een universum is een groep bedrijven waarbinnen ik zoek. Universum A, de snelle groeiers, is mijn hoofdroute: winstgevende bedrijven met hoge groei van omzet en winst. Om A scherp te houden laat ik daar bewust bedrijven buiten, op grond van hun sector, hun land of hun omvang. D, E en F gebruiken dezelfde industrieën als A, maar zoeken de bedrijven die A op winst, land of omvang buiten laat. B, C, G en H zijn de vangnetten voor de industrieën die niet in A horen, zodat ik die apart kan bekijken met filters die bij hun aard passen in plaats van ze per ongeluk tussen de groeiers te vinden. Elke industrie hoort bij precies één van A, B, C, G en H. Alleen E kijkt naar de Verenigde Staten; alle andere universums laten die bewust uit.

Universum Wie erin zit Mogelijke reden voor onderwaardering
A. Snelle groeiers Winstgevende bedrijven met hoge groei van omzet en winst, buiten de Verenigde Staten en buiten de industrieën van B, C, G en H De markt schat groei, marges of houdbaarheid anders in dan ik
B. Cyclische bedrijven Bedrijven waarvan omzet en winst vooral de prijs van een grondstof volgen: olie en gas, kolen, metalen en mijnbouw, landbouwgrondstoffen zoals palmolie, basischemie, papier en scheepvaart; en bedrijven die vooral de rente en de economische cyclus volgen: auto's, autotoeleveranciers, woningbouw, metaalbewerking en zware machines De markt rekent een dal in de cyclus door alsof het blijvend is
C. Gereguleerde bedrijven Bedrijven die afhangen van overheidsuitgaven, vergunningen of tarieven die een toezichthouder vaststelt: nutsbedrijven, telecom, spoor, luchtvaart en infrastructuur, pijpleidingen, afvalverwerking, defensie, ziekenhuizen en zorgverzekeraars, kansspelen, tabak en de sector Government Een begrotingsbesluit, een tariefherziening of een investeringsprogramma dat de markt nog niet meeweegt
D. Omzetgroei zonder winst Bedrijven met klanten en snel groeiende omzet, maar nog zonder bestendige winst, in Europa en Canada De overgang naar winst is onzeker of wordt onvoldoende begrepen
E. Amerikaanse smallcaps Kleinere Amerikaanse bedrijven met winst en groei, met een lagere marktkapitalisatie dan in A en dezelfde industrieën als A, D en F Aandacht, liquiditeit en beschikbare informatie verschillen
F. Midcaps Bedrijven buiten de Verenigde Staten die door hun hogere marktkapitalisatie buiten A vallen Een nieuwe markt of een veranderend bedrijfsmodel is nog onvoldoende in het beeld verwerkt
G. Life Sciences Farmacie, biotechnologie en medische technologie De markt schat de kans op een goedkeuring of een studie-uitkomst anders in dan ik
H. Financials en vastgoed Banken, verzekeraars, vastgoedbedrijven, vermogensbeheerders en andere financiële dienstverleners, en beursgenoteerde fondsen De markt prijst een tijdelijk probleem met kapitaal, rente of vastgoedwaarde alsof het blijvend is

Cyclische bedrijven passen niet in A, want hun omzet volgt de prijs van hun product of de fase van de economische cyclus meer dan hun eigen plannen. Aan de top van de cyclus is de winst hoog en de koers-winstverhouding laag, en juist dan is het aandeel duur. In B kijk ik daarom eerst naar de plaats in de cyclus en de balans, en pas daarna naar groei.

Gereguleerde bedrijven passen niet in A, want de belangrijkste variabele ligt buiten het bedrijf: de toezichthouder bepaalt het tarief, de overheid het budget of de vergunning. Mijn parametermodel wordt hier vaak capaciteit maal tarief maal bezetting, en ik moet begrijpen wie het tarief vaststelt.

Life Sciences is een universum apart, en het hoort niet bij mijn hoofdroute. Bij farmacie, biotechnologie en medische technologie kan één goedkeuring door een toezichthouder of één studie-uitkomst de koers in een dag omgooien. Ik kan de wetenschappelijke artikelen lezen en begrijpen, maar zelfs de onderzoekers weten niet zeker wat er uit een studie komt; daarom doen ze die studie. Ik heb een vermoeden en een kansberekening, en of het een goede belegging is, volgt uit de combinatie van koers en kansberekening. Dat past niet in het winstmodel dat ik voor A tot en met F gebruik. Ik wil deze bedrijven wel zien, en daarom hebben ze een eigen universum.

Financials en vastgoed passen niet in A, want hun winst en balans werken anders: schuld is voor een bank het bedrijf zelf, en de waarde van een vastgoedbedrijf zit in zijn gebouwen. De kengetallen en het winstmodel die ik voor A gebruik zeggen er weinig over. Daarom hebben ze met H een eigen universum, met filters op de koers-boekwaardeverhouding, het rendement op eigen vermogen en het dividend, en een eigen manier van waarderen.

Drie landenlijsten naast de universums

Naast de acht universums heb ik drie landenlijsten: Nederland, Hongkong en de Verenigde Staten. Die lijsten horen niet bij de hoofdroute van de methode. De landenlijst Verenigde Staten is de enige plek waar ik Amerikaanse bedrijven buiten de groeisectoren zie. Ik volg deze markten uit persoonlijke interesse en heb er eigen informatiebronnen voor, en soms wil ik er zonder groeifilters een kijkje nemen. Een naam die ik daar vind, krijgt in mijn screeningbestand de landenlijst als herkomst en doorloopt daarna dezelfde snelle analyse als elke andere kandidaat.

Dit zijn onderzoeksvragen. Een bedrijf is niet ondergewaardeerd doordat het in een universum past. Ik kan tot dezelfde waardering komen als de markt en vervolgens een andere kandidaat kiezen.

De screenerinstellingen vertalen de universums en landenlijsten naar filters in TradingView, met de landen, de sectoren en industrieën die aan of uit staan en de kolommen op het scherm. De grenzen zijn vertrekpunten. Bij een bedrijf met een bijzonder groeiverhaal kan ik besluiten anders te zoeken.

3.3 Zeven onderwerpen bij de eerste selectie

Handelbaarheid

Ik kijk naar beurs, valuta, lotgrootte, handelsvolume, spread en kosten. Het aandeel moet praktisch passen bij de positie die ik wil onderzoeken. Een minimale ordergrootte kan een interessante naam voor mij onwerkbaar maken.

Daarbij controleer ik het specifieke instrument bij mijn broker. Een beperking voor een beleggingsproduct geldt niet automatisch voor een gewoon aandeel. Een gewoon aandeel heeft geen KID nodig, het essentiële-informatiedocument dat voor verpakte beleggingsproducten verplicht is. Rechtstreeks gehouden bedrijfsaandelen worden onderscheiden van verpakte producten in overweging 7 van de PRIIPs-verordening. De productvoorwaarden en daadwerkelijke beschikbaarheid blijven het vertrekpunt.

Groeiruimte

Ik probeer te zien waar de toekomstige omzet vandaan kan komen. Mijn richtlijn is ruimte voor drie tot vijf keer de omzet in tien jaar, ongeveer 11,6 tot 17,5 procent samengestelde groei per jaar. Tijdens de screening is dat een eerste inschatting. Het volledige parametermodel komt later.

Ik kijk bijvoorbeeld naar locaties, klanten, volumes en prijzen. Een verwachte stijging moet passen bij de markt en de capaciteit van het bedrijf.

Operationele hefboom

Ik onderzoek of extra omzet relatief veel kan bijdragen aan de winst. Daarbij kijk ik ook naar de investeringen die nodig zijn om te groeien. Een bedrijf dat ieder jaar veel nieuw kapitaal nodig heeft, kan omzetgroei laten zien terwijl de kasstroom voor aandeelhouders achterblijft.

Een ontbrekende margeverbetering is geen automatische afwijzing. Het gaat om de totale ontwikkeling van winst, kasstroom en benodigde investeringen.

Analistendekking en aandacht

Het aantal analisten is een aanwijzing voor aandacht. Het zegt niet hoeveel onderzoek iedereen doet of welke informatie al in de prijs verwerkt is.

Bij de selectie is de dekking een eerste indruk die ik niet apart vastleg. In de snelle of uitgebreide analyse kijk ik verder naar de analisten zelf: welke bedrijven volgen zij en hoe goed kennen ze deze sector? Ik ga niet uit van een gegarandeerde voorsprong doordat een bedrijf kleiner is.

Insideractiviteit

Openmarktaankopen van bestuurders kunnen mijn aandacht trekken. Ik wil wel onderscheid maken tussen een aankoop met eigen geld, een aandelenbeloning, een optie-uitoefening en een administratieve wijziging.

Verkopen kunnen verschillende redenen hebben. Een enkele transactie geeft mij daarom nog geen compleet beeld. Ik noteer de gebeurtenis, transactiedatum, meldingsdatum, positie van de melder en de bron. Ontbrekende gegevens betekenen dat ik nog geen volledig overzicht heb.

Begrijpelijkheid

Ik kijk of ik kan uitleggen wat het bedrijf doet en hoe het geld verdient. Mijn eigen ervaring kan helpen. Bij medische technologie en procesindustrie biedt mijn opleiding aanknopingspunten, terwijl ik ook daar zal moeten onderzoeken wat ik nog niet weet.

Als ik het bedrijfsmodel niet snel genoeg begrijp, kan ik het lager op mijn lijst zetten. Dat is een keuze over mijn tijd en kennis.

Prijs als eerste vergelijking

De koers-winstverhouding en PEG (de koers-winstverhouding gedeeld door de verwachte winstgroei als getal, dus 15 bij 15 procent groei) kunnen een grove vergelijking geven. Ik controleer of de winst normaal is en welke groei in de PEG zit. Bij een verlieslatend bedrijf werkt die verhouding niet.

Een hoge waardering vraagt extra uitleg. Een lage waardering vraagt eveneens uitleg. Ik wil weten welke verwachtingen eraan ten grondslag kunnen liggen voordat ik verder onderzoek doe.

3.4 Van de screener naar mijn kandidatenlijst

Ik begin met het hoofduniversum en leg vast welke filters ik gebruik. De overige universums pak ik erbij wanneer dat zinvol is. Ik sorteer de uitkomst op industrie, zodat vergelijkbare bedrijven onder elkaar staan, en vergelijk hun groei, marges en waardering met elkaar. De bedrijven die eruit springen bekijk ik op Seeking Alpha en op hun eigen investor-relationspagina. Wil ik meer weten, dan laat ik een AI-model hun laatste jaarverslagen vergelijken; de cijfers die mijn keuze dragen, controleer ik zelf.

Daarna schrijf ik kort op waarom ik dit aandeel verder zou willen onderzoeken: bijvoorbeeld welke groeimogelijkheid ik zie, wat ik nog niet begrijp en of een eerste prijsvergelijking onderzoek de moeite waard maakt.

De lijst bevat bij voorkeur vijf tot tien namen. Vind ik minder overtuigende kandidaten, dan laat ik het daarbij. Ik hoef de lijst niet aan te vullen om een aantal te halen.

In het screeningwerkboek leg ik per kandidaat vast: ticker, DeGiro-code, land, de screener waar de naam uit komt, sector, industrie, het businessmodel in een paar woorden, de reden om verder te kijken, wat er mis kan gaan en het omzetmodel. Valuta, marktkapitalisatie, de plek van de koers tussen het laagste en hoogste punt van het afgelopen jaar en de P/E komen automatisch mee via het gegevenstype Aandelen van Excel. Meer houd ik tijdens het screenen niet bij.

3.5 Een bestaande kandidaat opnieuw bekijken

Voordat ik aan een snelle analyse begin, controleer ik of mijn oorspronkelijke aanleiding nog geldt. Zijn prijs en kerncijfers veranderd? Zijn er nieuwe ontwikkelingen die de groeiverwachting of het risico raken? Is er informatie bijgekomen over bestuur of financiering?

Daaruit kan volgen dat de kandidaat zijn plek houdt, lager op de lijst komt of afvalt. Bij een vraag die nog niet beantwoord kan worden, leg ik vast waarop ik wacht. Dat maakt het later makkelijker om het onderzoek te hervatten.

Ik gooi een kandidaat niet automatisch weg omdat een bepaalde periode voorbij is. De datum helpt mij beoordelen of de informatie nog bruikbaar is.

3.6 Mijn hulpmiddelen

Ik gebruik screeners en openbare bedrijfsinformatie om de eerste selectie te maken. De beschikbaarheid van gegevens en transcripts verschilt per aanbieder. Als een transcript achter een betaalmuur staat, zoek ik bijvoorbeeld een opname of presentatie op de investor-relationspagina. Ik noteer het wanneer dat niet dezelfde dekking geeft.

Daarnaast ontwikkel ik de Belegger Kees Insider Screener als open-sourceproject. Het beoogde bereik omvat transactiemeldingen van Amerikaanse politici en bestuurders of grootaandeelhouders in de Verenigde Staten, Nederland, België, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.

Dat is de beschreven ontwikkelrichting op 10 september 2026, geen claim dat alle koppelingen al werken. Meldingsregels en beschikbare gegevens verschillen per land. Politieke transactiemeldingen zijn bovendien een andere broncategorie dan meldingen van bedrijfsinsiders.

Ik wil de tool gebruiken als ondersteuning bij de insidercheck en om nieuwe namen te vinden. De ontwikkelrichting en onderzoeksvragen worden beschreven bij hulpmiddelen.

3.7 Wat er na de screening gebeurt

De kandidaten gaan naar de snelle analyse. Daar bepaal ik in welke volgorde ik mijn tijd wil besteden. Mijn eerste indruk mag dan veranderen.

Na een screening bewaar ik de instellingen en de lijst lokaal. Als ik er later een openbaar voorbeeld van maak, publiceer ik alleen de selectie en toelichting die ik daarvoor heb beoordeeld. Ruwe notities horen bij mijn werkdossier.

Verder lezen

Alle hoofdstukken · De Belegger Kees Methode · Bronnen en redactionele werkwijze

In English: The Belegger Kees screening process produces a working list of five to ten candidates. Kees aims to review the opportunity set quarterly, with at least an annual refresh. Seven research universes (fast growers, cyclicals, regulated companies, revenue growth without profit, US small caps, mid caps and life sciences) and three country lists support flexible selection.


Bijgewerkt: 15 september 2026. Auteur: Kees van Wanrooij, Belegger Kees. Status: Openbare werkversie; ik verbeter deze methode door haar te gebruiken en helder uit te leggen.