Submodaliteiten: de lading van een angstbeeld over geld veranderen
Submodaliteiten zijn de eigenschappen van een beeld, geluid of gevoel in je hoofd: groot of klein, dichtbij of ver weg, kleur of zwart-wit, luid of zacht. Die eigenschappen bepalen voor een groot deel hoe sterk je iets voelt. Een belegger die "ziet" hoe zijn portefeuille halveert, ziet dat vaak als een groot, helder beeld vlak voor zich. Wie dat beeld kleiner en verder weg maakt, merkt meestal dat de spanning afneemt, terwijl de feiten hetzelfde blijven.
In English: Submodalities are the qualities of an inner image, sound or feeling, such as size, distance, colour and volume, which influence how intense an experience feels. Kees van Wanrooij uses them with investors to reduce the emotional charge of a feared scenario, such as a portfolio halving, so they can look at the facts and their plan with more calm.
Wat zijn submodaliteiten?
Richard Bandler werkte submodaliteiten uit in de jaren tachtig, onder meer in Using Your Brain for a Change uit 1985. Het uitgangspunt is dat niet alleen de inhoud van een herinnering of verwachting telt, maar ook de vorm waarin je hem voorstelt. De vorm kun je bewust veranderen.
| Kanaal | Submodaliteiten | Een angstbeeld wordt vaak |
|---|---|---|
| Beeld | grootte, afstand, helderheid, kleur, stilstaand of bewegend, zelf in beeld of niet | groot, dichtbij, scherp, bewegend |
| Geluid | volume, tempo, toon, richting | luid, snel, vlak bij je oor |
| Gevoel | plaats in het lichaam, intensiteit, temperatuur, beweging | zwaar, drukkend, in borst of maag |
Bij welke hulpvragen ik het inzet
- Angst om in te stappen als de beurs op de top lijkt: 8.1.
- Een groot bedrag op de spaarrekening dat je niet durft te beleggen: 8.8.
- Paniek bij een daling of bij crisisnieuws: 9.1 en 9.9.
- De stem van een familielid die beleggen gokken noemt: 12.2.
Zo pas ik het toe
- De voorstelling ophalen. "Als je aan instappen denkt en het daarna daalt, wat zie je dan?"
- De eigenschappen uitvragen. Hoe groot is het beeld, waar staat het, is het in kleur, beweegt het?
- Eén eigenschap tegelijk veranderen. Ik laat het beeld kleiner maken, verder weg zetten of zwart-wit maken, en vraag na elke stap wat er met het gevoel gebeurt.
- Vastleggen wat werkt. Bij de meeste mensen maken één of twee eigenschappen het grootste verschil. Die noteren we.
- Een helpende voorstelling versterken. Het beeld van jezelf die rustig zijn plan volgt, maken we juist groter en helderder.
- Terug naar de feiten. Met minder spanning kijken we opnieuw naar het plan: welk bedrag, welke periode, wat doe je bij een daling?
Voorbeeldvragen
- "Waar in de ruimte staat dat beeld?"
- "Wat gebeurt er met het gevoel als je het beeld twee keer zo ver weg zet?"
- "Welke stem zegt dat, en wat verandert er als die stem langzamer of zachter praat?"
Wat de belegger merkt
De meeste mensen merken binnen een paar minuten dat de spanning zakt, vaak van een 8 naar een 4 op een schaal van 0 tot 10. Het risico is niet weg; het beeld is minder overweldigend geworden. Daardoor kan de belegger weer rekenen en plannen in plaats van alleen reageren.
Wanneer ik het niet gebruik
Een risico dat werkelijk te groot is, maak ik niet kleiner in iemands hoofd. Is het bedrag in aandelen te hoog voor iemands situatie, dan is de oplossing een ander plan, niet een kleiner beeld. Bij herinneringen die traumatisch aanvoelen, werk ik niet met submodaliteiten maar verwijs ik door. Zie wanneer coaching niet genoeg is.
Oefenen met een proefklant
Kies 8.1. Vraag de spanning op een schaal van 0 tot 10, vraag vier eigenschappen van het beeld uit, en verander ze één voor één. Noteer na elke verandering het nieuwe cijfer. Zo leer je welke eigenschap bij deze persoon het verschil maakt, en je proefklant leert dat hij daar zelf invloed op heeft.
Verder lezen
Alle technieken · Swish-patroon · Dissociatie en afstand nemen · Zintuiglijke taal
Bijgewerkt: 14 september 2026. Auteur: Kees van Wanrooij, Belegger Kees. Status: Openbare werkversie; ik verbeter deze methode door haar te gebruiken en helder uit te leggen.